Barneveld

Januari

Week 1 (1–7 jan) – rust & observatie

  • Loop een rondje door de moestuin: wat staat er nog, wat heeft schade opgelopen?
  • Oogst wintergroenten zoals prei, boerenkool, spruitjes wanneer de grond niet bevroren is.
  • Controleer afdekmaterialen (vliesdoek, stro, bladeren) en herstel waar nodig.
  • Laat de tuin vooral met rust bij vorst of natte grond.

Week 2 (8–14 jan) – plannen & opruimen

  • Maak of actualiseer je moestuinplan voor het nieuwe seizoen.
  • Denk na over teeltrotatie en hoeveelheden.
  • Sorteer zaden, noteer wat aangevuld moet worden.
  • Maak potjes, trays en gereedschap schoon en klaar voor gebruik.

Week 3 (15–21 jan) – voorbereiden op het seizoen

  • Bestel zaden (vooral soorten met lange groeiduur).
  • Controleer pootgoed (knoflook, sjalotten, pootaardappelen).
  • Kijk compostbakken na; zet indien mogelijk een nieuwe bak op.
  • Bescherm lege bedden eventueel met mulch of afdekking.

Week 4 (22–31 jan) – eerste voorzichtige start

  • Binnen voorzaaien kan al heel voorzichtig beginnen (alleen met voldoende licht en warmte).
  • Controleer kas of koude bak: luchten op zachte dagen, sneeuw tijdig verwijderen.
  • Controleer opgeslagen oogst (uien, aardappelen, pompoen) op rot of schimmel.

Klusjes voor de hele maand januari

  • Niet op bevroren of natte grond werken: voorkom structuurschade.
  • Blijf oogsten zolang het weer het toelaat.
  • Bescherm gewassen bij strenge vorst extra.
  • Vogels helpen met water en (indien gewenst) voer — ze helpen later ook tegen plagen.
  • Gebruik januari als denk- en voorbereidingsmaand: rust hoort erbij.

Mini-zaailijst januari (beperkt)

Binnen (alleen bij voldoende licht):

  • Peper
  • Paprika (voor de vroege starters; februari is vaak geschikter)

Verder:

  • Knoflook en sjalotten kunnen geplant zijn of nog geplant worden zolang de grond het toelaat.
  • Nog geen buitenteelt: januari is vooral voorbereidingstijd.